Snappen hoe het puberbrein werkt en de 4 andere bouwstenen voor een betere communicatie met je puber

Snappen hoe het puberbrein werkt en de 4 andere bouwstenen voor een betere communicatie met je puber

Met pubers communiceren is vaak lastig. Als je snapt hoe het puberbrein werkt helpt dit al om een betere relatie op te bouwen. Ook jouw puber heeft er baat bij als hij begrijpt wat er in zijn hoofd gebeurt.

Naast kennis over het puberBrein zijn er nog vier andere bouwstenen die jou helpen om beter met je puber te communiceren: Relativeringsvermogen, Empathie, Interactie en Nieuwsgierigheid. Samen vormen ze B.R.E.I.N., de basis van mijn werkwijze als pubercoach en docent.  

In de gesprekken die ik met pubers voer in mijn praktijk in Alphen aan den Rijn komt B.R.E.I.N. altijd aan de orde.

Heb jij B.R.E.I.N. weleens met jouw puber besproken?

Brein

Het brein van jouw puber is nog niet helemaal af. Sommige onderdelen zijn volledig ontwikkeld, andere hebben nog een lange weg te gaan. En omdat het puberbrein nog onevenwichtig in elkaar steekt, lijkt jouw puber soms ook ontoerekeningsvatbaar.

Het ene moment ontploft jouw dochter volledig omdat je iets verkeerds hebt gezegd en 30 minuten later verrast ze je met een zelfgemaakte maaltijd ‘Omdat je altijd zo hard werkt en je het verdient om even niks te hoeven doen, mam’. Gevolgd door een dikke knuffel.

Kennis over het puberbrein is onmisbaar als jij jouw puber beter wilt begrijpen. Voor jouw puber zelf is het heel verhelderend als zij weet in hoeverre haar brein haar handelen beïnvloedt.

Relativeringsvermogen 

Emotionele uitbarstingen, heftige discussies en kwetsende opmerkingen: als ouder van een puber krijg je hier onvermijdelijk mee te maken.

Van binnen weet je dat het niet zo is bedoeld, maar soms vallen die opmerkingen verkeerd. Dan wil je hard terugslaan met jouw woorden. Voor je het weet staan jullie tegenover elkaar te bekvechten over wie er gelijk heeft. Geen succes voor de sfeer in huis, de relatie met jouw kind en voor jouw bloedruk.

Op dat soort momenten is relativeringsvermogen een redding.

Niet alle zaken zijn het waard om een strijd over aan te gaan. Jij bepaalt waar jij je op dat moment druk over maakt. Pick your battles.

Empathie

Herinner jij ze nog, die middelbareschoolperikelen?

Onderlinge strijd in het vriendinnengroepje. Of dat je juist vriendinnen wilde, maar nergens bij hoorde.

Leraren die zeurden over huiswerk, terwijl jouw leven net was ingestort omdat de liefde van je leven het had uitgemaakt.

Ouders die riepen hoe onverantwoordelijk het was dat je steeds onvoldoendes haalde. Of je had ouders met hoge verwachtingen omdat je de slimste was van de klas.

Jij bent inmiddels uitgegroeid tot een evenwichtige (?) volwassene. Jouw puber zit nu volop in deze fase en heeft het net zo zwaar als jij het toen had.

Al lijkt dit niet altijd zo, jouw puber heeft absoluut jouw aandacht en medeleven nodig.

Interactie

Een goede communicatie komt altijd van twee kanten.

Je kunt niet steeds blijven roeptoeteren en verwachten dat jouw puber naar je blijft luisteren. En hij kan niet verwachten dat jij je steeds schikt naar zijn eisen.

Juist die wisselwerking is superbelangrijk voor jullie relatie.

Dus…ga jij niet alleen maar mededelen, maar ook luisteren naar je puber. En gaat jouw puber op zijn beurt leren dat de wereld niet om hem draait maar dat hij met jou moet samenwerken.

Nieuwsgierigheid

Nieuwsgierigheid is iets waarmee iedereen wordt geboren. Later leren we van onze ouders dat je ‘niet altijd zo nieuwsgierig moet zijn’.

Naar je kinderen toe kun je nooit té nieuwsgierig zijn. Daarmee bedoel ik niet het ‘Ik ga stiekem het dagboek van mijn dochter lezen’ soort nieuwsgierigheid. Dat valt onder wantrouwen.

Ik bedoel het soort nieuwsgierigheid waarin je vanuit oprechte belangstelling vragen stelt omdat je jouw puber beter wilt leren kennen.

Leer. Kijk. Verwonder.

Er gebeurt in deze fase zoveel moois, hoe kun je nou níet nieuwsgierig zijn naar wat er in haar leeft?

Kleine kanttekening:

Jouw puber zal die nieuwsgierigheid niet per se waarderen. ‘Jij geeft mij nooit eens space, laat mij met rust!’

Hoe hou je deze bouwstenen bij elkaar?

Met humor

Humor is het cement tussen de bouwstenen. Het puberbrein is er dol op.

En ja, ik begrijp heel goed dat soms het huilen je nader staat dan het lachen. Maar weet je, humor relativeert. Het is een blijk van empathie, het zorgt voor interactie, het prikkelt de nieuwsgierigheid en het kan helend werken.

Een ijzersterk middel dus om in te zetten in jullie communicatie.

Wat kun jij met B.R.E.I.N.?

Heb je vragen of wil je kennismaken, plan dan hier een afspraak in mijn agenda.

Drie feiten over het puberbrein die jij móet weten

Drie feiten over het puberbrein die jij móet weten

voordat je je kind achter het behang plakt

Soms is er geen land met jouw puber te bezeilen.

Dan lijkt het alsof jij niks goed kunt doen, hij nergens zin in heeft en alleen met jou praat om in discussie te gaan.

Op zo’n moment kun je hem met alle moederliefde achter het behang plakken. Met extra stevige behangplak.

Hoe kan het dat dit ooit zo lieve peutertje is veranderd in een opstandig en egocentrisch wezen, die er alleen maar op uit lijkt te zijn om jou dwars te zitten?

Je hebt gelijk…maar het gaat niet om jou

Het klopt dat pubers in deze levensfase eerder aan zichzelf denken dan aan hun ouders. En het is ook waar dat ze elke gelegenheid aangrijpen om met jou in discussie te gaan.

Maar jouw puber doet dat niet om jou dwars te zitten of om jou te kwetsen. Het is gewoon hoe zijn brein werkt.

Dwarszitten, in discussie gaan, schoolwerk verwaarlozen, vooral gericht zijn op eigen plezier, luiheid…allemaal typisch pubergedrag dat ouders ongetwijfeld zullen herkennen.

Het draait allemaal om het puberbrein dat nog volop in ontwikkeling is. Doordat zijn brein nog niet ‘af’ is, kan jouw puber het ene moment een zinnig gesprek voeren met opa en oma om op het andere moment vol met jou in discussie te gaan over waar het pak melk moet in de koelkast.

Het puberbrein bepaalt de ontwikkeling

Pubers leren van hun omgeving. Doordat ze dingen meemaken, leren en zelf ervaren maken ze zich vaardigheden en kennis eigen waardoor ze zich kunnen ontwikkelen tot zelfstandige volwassenen. Alle geleerde info wordt opgeslagen in hun brein.

Wat ze van ouders leren mixen ze met hun eigen ervaringen en dat leidt vaak tot nieuwe inzichten en helpt ze bij het zetten van nieuwe stappen in hun ontwikkeling.

Dit is geen geleidelijk proces, maar gaat vaak met horten en stoten met als gevolg dat jouw puber af en toe echt niet lijkt te sporen.

Drie feiten over het puberbrein die voor jou van belang zijn

  1. Pubers zijn in deze fase geïnteresseerd in alles wat nieuw is.

Ouders en school zijn voorspelbaar en dus niet interessant. School vinden ze saaaii en wat jij zegt hebben ze al 100 keer gehoord, dus val jij zonder pardon ook in dezelfde categorie.

Ze kunnen wél uren besteden aan zaken die zij interessant vinden: nieuw foto’s op insta, nieuwe berichten in de snap en acties die jij als ouder minder geslaagd vindt.

Ze zijn dus niet ongeïnteresseerd en lui. Hun hersenen zijn alleen erg selectief in wat voor hen interessant is en wat niet.

Brengt ons gelijk op het volgende punt:

2. Pubers moeten nog leren wat de mogelijke gevolgen zijn van hun acties.

Wij als ouders zien dingen meestal van mijlenver aankomen en denken dat pubers dat ook wel zullen snappen. Maar dat is nou juist wat hun hersenen in deze periode aan het leren zijn: actie en gevolg.

Met 50 km per uur van een berg afrijden in een winkelwagentje is dus een vet coole actie. Gevaarlijk, hoezo

3. Sociaal-emotionele ervaringen worden eerder in het geheugen opgenomen dan feiten.

Een negatieve opmerking heeft meer impact op een puber dan de onvoldoende die hij haalt.

Cijfers interesseren hem wel, maar dat komt door de waardering die die eraan vastzit. Het cijfer zelf zegt hem niks, maar de opmerking ‘Heb je nu alwéér een onvoldoende? Zo wordt het nóóit wat met jou, hè!’ komt hard binnen.

Wat kun jij met deze informatie?

Nu je meer weet over hoe het brein van jouw puber werkt, weet je beter wat je wél en niet kunt verwachten van hem.

Zijn obstinate gedrag ligt niet aan jou. Maak het niet persoonlijk, want dat is het niet. Het ligt wel aan jou om deze kennis in te zetten en je puber te helpen in deze fase van zijn leven.

Sta open voor zijn denkproces en help hem om mogelijke gevolgen van zijn gedrag te overzien. De eerstvolgende keer dat jij klaarstaat met je behangplak geef je hem eerst liefdevol feedback over zijn acties, gelijk gevolgd door andere manieren hoe hij de situatie beter had kunnen aanpakken.

Voel je daarna gerust vrij om hem alsnog tegen die muur te plakken. Maar dan heeft hij in ieder geval iets om over na te denken terwijl hij daar bungelt 😉.

Waarom pushen echt niet werkt bij jouw puber

Waarom pushen echt niet werkt bij jouw puber

En wat je wel kan doen om hem te helpen met zijn schoolwerk

Zo. De dag zit erop. Het was druk op het werk maar je hebt veel kunnen doen. In de auto zet je een muziekje op en je neuriet mee.

Plotseling schiet het je te binnen dat jouw puber een toets Eco heeft morgen. Nee hè. Daar heeft hij natuurlijk nog niks aan gedaan. Straks als je thuiskomt ligt hij met zijn luie donder op de bank. En dan moet jij hem weer achter de vodden zitten en komt er weer ruzie.

Je zucht diep en voelt de irritatie al opkomen. Hij snapt toch ook wel dat hij zijn eindexamen op deze manier niet gaat halen?

Soms denk je: ‘Hij zoekt het maar uit, dan zakt ie maar!’ Maar ja, een jaar overdoen is ook zo zonde want hij kan het wel.

Het laatste stukje naar huis leg je geïrriteerd af, je hebt zó geen zin in die strijd straks. Maar als jij hem niet achter de broek aan zit gaat hij helemaal niet aan het werk. Dus je moet wel.

Herkenbaar?

Wees gerust, je bent niet de enige ouder die dit meemaakt. Sterker nog, het merendeel van ouders loopt hier tegenaan. Jouw puber moet iets doen waar hij totaal geen zin in heeft, jij als ouder vindt het daarentegen wél belangrijk dat hij aan de slag gaat en dan begint het getouwtrek.

Soms win je de strijd. Dan gaat je puber aan het werk en haalt hij die voldoende. Je denkt dat het kwartje eindelijk is gevallen, maar bij een volgende toets begint het gevecht opnieuw.

Het is om moedeloos van te worden.

Afdwingen heeft een tegenovergesteld effect

Je hebt alles al geprobeerd.

Dreigen met weggooien van de Playstation. Leuke uitjes met vrienden cancelen.

Emotionele chantage: ‘Maar als jij zakt en al jouw vrienden straks wél slagen, dan voel je je toch rot? Dat wil je toch niet?’

Dagelijks mopperen of ruziemaken omdat hij niks doet aan school. ‘Als je nu niet aan de slag gaat, dan zoek je het maar uit. Dan zak je maar, kan mij het schelen.’

Je hebt volkomen gelijk als jij vindt dat jouw puber niet goed bezig is. Maar wat levert al die bemoeienis je tot nu toe op? Precies: hoofdpijn! En het doet de (soms toch al wankele) band met jouw puber geen goed.

Wil je gelijk of wil je geluk?

Juist in deze puberfase heeft jouw puber je nodig om hem aan te moedigen en te begeleiden. Als je hem laat vallen, of daarmee dreigt, help je hem niet. ‘Als mijn ouders al niet meer in mij geloven, waarom zou ik dan nog met school bezig zijn?’

Wat kun je wel doen?

Tip 1: ga in gesprek

Bespreek met jouw puber welke vakken hem makkelijk afgaan. Is het nodig om hem te laten stampen voor een vak waar hij zonder al te veel moeite zevens voor haalt? Is het echt belangrijk om daar een acht voor te halen ‘omdat hij zoveel beter kan’?

Tip 2: maak samen een planning
Richt je vervolgens op de vakken waar hij moeite mee heeft en bespreek wat jullie kunnen doen om die weer op de rit te krijgen. Maak een planning en laat daarin ruimte voor de leuke dingen. Dat helpt jouw puber om die planning daadwerkelijk uit te voeren.

Tip 3: laat hem zijn eigen leerstijl bepalen
Samenvattingen maken van de leerstof werkt niet voor iedereen. Soms is het een paar keer doornemen van het boek al voldoende. En als jouw puber zich beter kan concentreren met muziek, laat hem dan lekker. Wat niet werkt voor jou, kan prima werken voor jouw puber.

Tip 4: durf de verantwoordelijkheid bij je puber te leggen

Laat je puber, nadat jullie een planning en duidelijke afspraken hebben gemaakt, zijn eigen verantwoordelijkheid nemen. Overhoor hem alleen als hij daarom vraagt. Blijkt dit toch nog onvoldoendes op te leveren, dan heb je een argument om de touwtjes weer wat strakker te trekken.

Mag ik dan als ouder helemaal geen grenzen stellen?

Jazeker mag jij dat!

Je mag zeker grenzen bepalen, maar houd het vooral bij jezelf. Jij mag jouw bankhangende puber gerust vertellen welk effect zijn gedrag heeft op jou. Natuurlijk help je hem, maar in ruil daarvoor mag hij inzet tonen. Voor niks gaat de zon op.

Push hem alleen niet om de dingen op jouw manier te doen, help hem zijn eigen weg daarin te vinden.  Dat heeft op lange termijn veel meer effect en scheelt je nog een boel hoofdpijn ook.

Hoe jij jouw ongemotiveerde puber kunt helpen

Hoe jij jouw ongemotiveerde puber kunt helpen

‘Ik wou dat mijn puber wat ging doen voor school. Hij hangt maar op de bank en voert geen klap uit. Ik maak me zorgen!’

‘Mijn dochter zit in haar examenjaar. Ze begon zó goed, maar daarna kwamen de eerste onvoldoendes. Nu is ze niet meer gemotiveerd… ik heb geen idee hoe ze dit jaar gaat slagen!’

Je zoekt de magische formule om jouw puber in beweging te krijgen.

Zodat hij uit zichzelf aan zijn schoolwerk begint. Nooit meer ruzies, frustraties en strijd. Hallo, harmonie, vrede en regenbogen!

Helaas.

Er is geen magische formule.

Wellicht verwacht je nu op z’n minst drie tips waardoor jouw puber acuut gemotiveerd is voor school.

Sorry, ook die ga je niet van mij krijgen.

Een puber kun je namelijk niet ineens motiveren voor school en al helemaal niet als jij zijn ouder bent.

Voor alle duidelijkheid: pubers zijn heus wel gemotiveerd om goede cijfers te halen. Ze zijn alleen niet altijd gemotiveerd om te doen wat daarvoor nodig is.

Vaak weten ze niet eens wat er nodig is. En als je het niet weet, is het makkelijker om gewoon helemaal niks te doen. Volkomen onlogisch voor ons, volstrekt duidelijk voor je puber.

Eigenlijk komen pubers alleen in actie als zij:

  1. Iets moeten
  2. Iets leuk vinden

Als jouw puber iets leuk vindt, zal hij interesse tonen en vanzelf aan de slag gaan. Daar heb jij als ouder weinig werk aan.

Het wordt pas lastig als hij iets niet leuk vindt, maar dit toch moet doen. Schoolwerk bijvoorbeeld.

Als jouw puber geen zin heeft om aan school te werken, hoor je jezelf regelmatig roepen ‘dat jij ook weleens iets moet doen waar je geen zin in hebt’. Of je komt met oplossingen, terwijl je weet dat je kind nooit zit te wachten op jouw oplossingen.

Je puber weet op zo’n moment echt wel dat hij niet goed bezig is. Hem daar voortdurend op wijzen, werkt alleen maar ontmoedigend en averechts. Niemand vindt het leuk om steeds te horen dat hij verkeerd bezig is – daar zou jij zelf ook opstandig van worden.

Wat hebben ze dan wél nodig?

Wat jouw puber écht nodig heeft is een luisterend oor en begrip. Daar kan jij hem prima mee helpen!

Hoe jij als ouder jouw ongemotiveerde puber kan helpen

Heeft jouw puber voor de zoveelste keer geen zin in school, vraag hem dan wat er aan de hand is. Vaak heeft die tegenzin niks met motivatie te maken. Er zijn andere oorzaken. Een ruzie op school, of faalangst. Onzekerheid, vermoeidheid of toch gewoon die luiheid.

Het kan van alles zijn, en al vind jij de reden niet sterk, blijf luisteren. Neem zijn verhaal serieus. Soms zijn docenten écht heel stom en geven ze écht heel veel huiswerk. Het kan geen kwaad om dat als ouder te erkennen. Hierdoor voelt jouw puber zich gehoord en merkt hij dat jij oprechte belangstelling toont.

Blijf in gesprek.

Het helpt daarbij enorm als jij vragen stelt waardoor hij zelf gaat nadenken over het eigen gedrag. Als hij zélf tot de conclusie komt dat het in zijn eigen belang is om in actie te komen, raakt hij gemotiveerd om dit ook daadwerkelijk te doen.

Maak aan het eind van het gesprek afspraken over wat hij gaat doen en wanneer hij dat gaat doen. Dat geeft duidelijkheid en rust.

Als jij deze punten blijft toepassen krijgt jouw puber het gevoel dat er altijd iemand is die hem steunt en voor hem klaarstaat als hij dat nodig heeft. Dát is de meest krachtige motivatie die er is.

Saai? Jammerdebammer joh!

Saai? Jammerdebammer joh!

Ik denk dat het met één docent begon die wel eens ‘wat anders’ wilde en dat daarna steeds meer docenten het zijn gaan overnemen en het uiteindelijk een vast uitgangspunt werd.

Waar ik het over heb?

Het verschijnsel dat lessen niet meer saai mogen zijn voor pubers. Grammaticaregels moeten vooral op verschillende, liefst digitale, manieren worden aangeboden en mogen vooral niet worden gepresenteerd als ‘regels die je nou eenmaal moet leren’.

Leerlingen woordjes in het hoofd laten stampen staat bijna gelijk aan vloeken in de kerk. Nee, dat moet léuk. Met digitale programma’s of in spelvorm, tijdens de les.

Als je het waagt om huiswerk op te geven dat gewoon uit het hoofd moet worden geleerd, volgt er gelijk een mail van een ouder dat Quinoa écht niet alleen maar samenvattingen kan maken en jaartallen uit haar hoofd kan leren, want dat is zó zonde van haar weekend!

Afwisseling is zeker nodig maar niet vereist

Ik ben naast pubercoach ook docent, mocht je dat nog niet weten. Ik hou enórm van afwisseling in mijn lessen. Als ik kennis op een leuke manier kan overbrengen, doe ik dat. Maar het is niet mijn doel ‘leuk les te geven’. Het is mijn doel om kennis over te brengen – soms moet je dan gewoon rijtjes en regeltjes stampen.

Om een huis te bouwen moet je ook eerst een goede fundering leggen. Grammaticaregels, Duitse naamvallen, Franse rijtjes le en la, onregelmatige werkwoorden in het Engels: je moet het erin stampen, zodat je daarna vloeiende zinnen kunt vormen. Zonder een fundering stort het hele zooitje in.

Dus als die pubers op vakantie in vloeiende volzinnen telefoonnummers willen uitwisselen met die geweldige vakantieliefde, moeten ze eerst leren hóe ze die mooie zinnen opbouwen.

Maar pubers letten toch niet op als de les saai is?

Ja, dat weet ik. En het is ook voor mij als leraar stomvervelend als pubers niet opletten omdat ze zich door saaie lesstof moeten worstelen. Er is dan een andere aanpak nodig om de aandacht van die pubers te trekken én vast te houden.

Maar weet je wat het is, die pubers kijken dwars door alle goedbedoelde pogingen tot ‘leuk doen’ heen. En op een gegeven moment vinden ze al die interactieve, gezellige en vooral léuke werkvormen óók dodelijk saai. Echt waar.

Ga maar na, hoe vaak hoor jij jouw puber enthousiast roepen: ‘Joepie, we mogen wéér in groepjes samenwerken! Gezellig!’

Niet heel vaak toch?

Dat bedoel ik.

Wat werkt dan wél?

Heel simpel: pubers gedijen het beste bij duidelijkheid. Als ze weten dat iets ‘saai’ gaat worden, is dat maar duidelijk en hebben ze echt een stuk minder behoefte om daarover te zeuren (niet in je gezicht althans 😊).

Als je daarbij ook nog uitlegt dat dit even nodig is, omdat ze daarna weer verder kunnen met leukere zaken, blijken ze hele schappelijke wezens. Zeker als de leraar de situatie met humor benadert, is het saaie lesuur zo voorbij. Die pubers hebben lang niet zoveel behoefte aan afwisseling en leukigheid als wij denken.

En als ze alsnog zeuren dat het saai is, zeg ik altijd: ‘Saai? Ik?! Hahaha, jammerdebammer voor jou joh!’

Hoe ga je om met jouw rol als stiefmoeder in je samengestelde gezin?

Hoe ga je om met jouw rol als stiefmoeder in je samengestelde gezin?

Ik heb een stiefdochter. Ze heet S.

S. hoort bij manlief én bij mij.
Ik heb veel geluk met S. Ze ziet mij als haar tweede moeder en we hebben een goede band.

Toch vind ik stiefmoeder zijn niet altijd makkelijk. Je bent niet de moeder maar je neemt wel de moederrol op je. Zeker als je dan zelf ook kinderen hebt, vraagt het geduld, creativiteit en uithoudingsvermogen om de juiste balans te vinden. Je voelt je verantwoordelijk voor het welzijn van iedereen in jouw gezin en voor de harmonie in huis. Niet dat dat alleen jóuw verantwoordelijkheid is, maar zo zitten veel moeders nu eenmaal in elkaar.

Je neemt de moederrol op je, maar je bént hun moeder niet

Je stiefkinderen hebben een moeder die verantwoordelijk is voor hun welzijn en samen met jouw partner de belangrijke beslissingen neemt. Zelfs als deze beslissingen lijnrecht tegenover jouw opvattingen staan, heb jij je er maar bij neer te leggen.

Voor jouw kinderen ben jij ‘mama’, hun veilige haven. Voor jouw stiefkinderen ligt dat anders. Voor hen gaat het niet om jou, maar om de relatie met hun vader. Jij bent bijzaak.

De grootste bron van irritatie in samengestelde gezinnen is het verschil van inzicht over opvoeding. Van jouw partner mag zijn zoon de hele dag op zijn telefoon Youtube kijken, die van jou mag dat niet. Bloedirritant, zo’n kind dat de hele dag aan zijn mobiel geplakt zit. Je hebt er regelmatig ruzie over met je partner en je voelt je er schuldig over dat je je ergert aan het kind. Hij kan er ook niks aan doen dat zijn ouders gescheiden zijn.

Hoe zorg je ervoor dat de sfeer in huis leuk blijft?

Het antwoord is: communiceren en blijven communiceren. In eerste instantie vooral met je partner.

Ik maak regelmatig mee dat er weerstand is naar het stiefkind, omdat de partner het gedrag toestaat. Als ik vraag waarom de partners hierover niet met elkaar praten, krijg ik als antwoord: ‘Ja maar, hij gaat mij toch niet begrijpen!’

Als je niks zegt, worden je irritaties alleen maar groter. Deel regelmatig je gevoelens met elkaar. Zorg er samen voor dat jullie op dezelfde golflengte komen wat betreft de opvoeding van alle kinderen.

Praat ook als gezin met elkaar over kwesties en irritaties, op een vast moment in de week. Als je wacht tot een uitbarsting kun je zo’n gesprek niet op een neutrale toon voeren. Geef hierbij ruimte aan de inbreng van alle kinderen.

Geef het de tijd

Het is logisch dat je een harmonieus gezin wilt vormen met je nieuwe partner en jullie kinderen. Sommige dingen kun je alleen niet dwingen. In een samengesteld gezin duurt het 4 tot 7 jaar voordat er een evenwicht ontstaat waar iedereen zich goed bij voelt. Dus neem de tijd, het hoeft echt niet van vandaag op morgen perfect te zijn.

Het beste wat je als stiefmoeder kunt doen is een neutrale positie innemen. Laat je stiefkind weten dat je er voor hem bent als hij je nodig heeft en praat nooit maar dan ook nooit negatief over zijn moeder.

De kans is groot dat je stiefkind op een dag vanzelf toenadering zoekt. Dat gebaar heeft meer impact op jullie band dan welke actie dan ook die je zelf wilde bewerkstelligen.